
We voelen het allemaal. Of toch de meesten onder ons. De druk en de controle van een systeem dat ons opjaagt. En toch zijn er maar enkelen die er echt tegenin gaan, ook al vinden veel mensen de richting waarin digitaliteit evolueert niet oké.
Ze benoemen het wel en uiten hun ongenoegen, maar slikken het toch. Ze laten zich meedrijven op de mainstream en berusten in het idee dat het toch geen zin heeft om er iets tegen te doen. Dat het niet meer te stoppen is.
Maar als iedereen zo denkt, groeit het systeem alleen maar sneller. Dan worden we financieel en zelfs sociaal helemaal afhankelijk van een steeds kleiner en meer afgescheiden groepje dat bepaalt hoe het moet lopen.
Gelukkig zijn er nog mensen die wel durven ingaan tegen de ontmenselijking. Die niet alles laten gebeuren, omdat ze voelen wat echt waardevol is. Ze denken en handelen vanuit een menselijk waardegevoel.
Ook jij kan van betekenis zijn, gewoon door trouw te blijven aan wat je voelt. Want wie niets doet, verliest op termijn alles wat menselijkheid uitmaakt.
Een mens bestaat uit een organische structuur. Alle organen en bindweefsels worden onderhouden en groeien door externe voeding en beweging. Toch is wat een mens mens maakt, meer dan wat hij eet en doet. Het is ook hoe hij denkt. En hoe iemand denkt, is hoe iemand zich voelt.
Je mag zo gezond eten als je wil en regelmatig bewegen, maar als je niet goed in je vel zit omdat het denken je gemoedstoestand conflicteert, verliezen al die voedingsstoffen en bewegingsprikkels veel van hun waarde. Er ontstaan tekorten die de groei en regeneratieve eigenschappen van ons organisme verstoren. Met andere woorden: hoe we denken en ons voelen, bepaalt hoe wij als volwaardig mens functioneren.
Hoe we naar iets kijken – positief, negatief of realistisch – kan bepalend zijn voor hoe ons lichaam iets verwerkt of op iets reageert. Wie dit ontkent, zal het mens-zijn en het worden van mens-zijn in zijn existentiële betekenis verliezen of nooit bereiken. Dit valt niet te ontkennen. Kijk maar naar het stijgend aantal burn-outs en depressies, die dikwijls ook leiden tot bindweefselziektes en soms tot levensbedreigende organische pathologieën.
Gevoelens en emoties kun en mag je niet wegcijferen of opgeven voor een systeemmaatschappij waarin digitaliteit de mate van gevoelsverbondenheid tussen mensen bepaalt. Alles wordt herleid tot algoritmen, waarbij meten de standaard wordt voor evaluatie, toekenning van labels en verdeling.
Het ergste vind ik dat het systeemdenken ook in de medische sector wordt gehanteerd. Dat is een gevaarlijke wending. Diagnoses worden mee bepaald door vragenlijsten met vaak zwart-witte vragen die weinig ruimte voor nuance laten. Deze worden vervolgens geanalyseerd door algoritmen en gebaseerd op gemiddelden. Zo missen ze de uitzonderingen, die net in de medische sector – waar lichaam en geest elkaar sterk beïnvloeden – dikwijls meer regel dan uitzondering zijn.
Wat zeggen pijnwaarden eigenlijk? Soms lijkt iets minder ernstig dan het in werkelijkheid is. En soms lijkt iets dat minder erg is, net erger, omdat de manier waarop mensen omgaan met pijn afhangt van hun persoonlijkheid en eerdere trauma’s. Een systeem mist die nuance, en dit kan op medisch gebied grote gevolgen hebben. Een systeem herkent geen emoties en geen inleving. En net dat is van groot belang bij herstel en genezing.
Gevoelens – en dan vooral emotionele trauma’s – moeten kunnen uitvloeien en verdampen doorheen de tijd. Niet volgens een gemiddelde dat door een systeem bepaald is. Een systeem zal uitzonderingen die meer tijd vragen nooit toelaten of incalculeren, omdat het vooral functioneel en praktisch is ingesteld en prestatiegericht is geprogrammeerd. In een digitaal systeem is geen plaats voor nuance.
Je bent fout of juist, goed of slecht. Niets daartussenin. Want dan moet je rekening houden met uitzonderingen op de regel, met verhalen die leiden tot situaties. Je moet kunnen aanvoelen, inschatten, afwegen op basis van indrukken en expressies. En dat doet een systeem niet. Enkel feiten zijn meetbaar en tellen, waardoor er vaak te zwaar geoordeeld en bestraft wordt.
Een emmer tranen kun je wegen, maar het verdriet niet.
(Citaat Kris Moernaut – Reflections of Awareness)
Mensen – of menselijke mensen – bestaan niet enkel uit een binair stelsel, maar ook uit gevoelens. Hoe meer je gevoelens verdringt of beperkt, hoe harder het klimaat wordt waarin mensen moeten functioneren. Het is al een hele tijd voelbaar dat de maatschappij verhardt en polariseert. Dat zal er niet op verbeteren wanneer digitaliteit steeds meer onze wereld bepaalt.
Er is zeker nog aandacht voor emotie, maar alleen wanneer het past binnen een verdienmodel van de media of wanneer het uitgespeeld kan worden met een groot showgehalte. Het spontane, kleine gebaar op straat, tussen mensen, is steeds moeilijker te vinden.
We leven in een contactloze, meetbare controlemaatschappij die zich laat leiden door een in scene gezette, politiek gestuurde, emotioneel manipulatieve elite. Die bepaalt hoe we ons mogen of moeten voelen.
Onze identiteit is hoofdzakelijk opgebouwd rond karakter en persoonlijkheid. Toch leveren we steeds meer in van onze eigen identiteit, en wordt onze eigenheid als individu opgeslokt door een digitaal systeem dat steeds minder ruimte laat voor menselijke nuance en interpretatie. Eigenheid en eigengereidheid worden als lastig ervaren voor een digitaal systeem, tenzij het past binnen het verdienmodel van de elite. Dan mag het wel, maar dan binnen hun kader van politiek favoritisme.
Het wordt ons steeds moeilijker gemaakt om te dialogeren, omdat daar gevoelens bij komen kijken. En gevoelens maken het voor een meetbaar systeem alleen maar moeilijker. Velen verschuilen zich te gemakkelijk achter het systeem wanneer het menselijk fout loopt. Bijna alles wat misgaat, wordt op het systeem gestoken. Terwijl je vroeger nog iemand had die verantwoordelijkheid nam om naar een oplossing te zoeken.
Een systeem is ook maar zo redelijk als het systeem kan zijn. Het denkt niet verder in zijn doorrekenen. Het houdt geen rekening met afwijkingen, want afwijkingen worden niet geïnterpreteerd, maar aangerekend als niet geschikt of niet passend. Ze dienen enkel als reden om in te delen en te stigmatiseren. Een systeem is vooral gericht op gerechtigheid, maar schiet veel tekort op het vlak van rechtvaardigheid, omdat het geen diepgang kent.
De toekomst ziet er op menselijk vlak triest uit. De nieuwe generaties, die worden opgevoed met de digitale paplepel, zullen emotie en mededogen steeds moeilijker herkennen. Misschien verdwijnen ze zelfs volledig. Helaas zal deze verharding zich doortrekken in hoe we ons tot elkaar verhouden als we geconfronteerd worden met beperkingen. De kans bestaat dat we nog sneller betekenis verliezen, sneller mensen afschrijven en vergeten.
Laat ons hopen dat er toch enkele wijzen zijn die voldoende weerbaarheid tonen om de digitalen tot inzicht te brengen en de kans krijgen om hun stem te laten horen. Laat hen het belang van inzichten over menselijkheid en levenszin delen. Want een mens zonder emotie is geen mens meer, maar een machine of robot.
En dan is er nog de zogenaamde ‘woke’ generatie. Mensen die, net als de systemen waar ze tegen reageren, vaak in zwart-wit denken vervallen. Ook bij hen ontbreekt soms de nuance. Hun overtuiging komt voort uit het idee van goedheid en rechtvaardigheid, maar net daardoor ontstaat het risico op nieuwe vormen van uitsluiting.
Ze zijn overtuigd van hun gelijk, zo sterk dat hun visie ook eenzijdig en dwingend kan worden. Wat hen onderscheidt van meer extreme rechtse stemmen is vooral de verpakking, niet de manier waarop ze anderen proberen te overtuigen of hun visie willen opleggen.
Vaak pleiten ze voor globalisme, cultuurversmelting en het opgeven van persoonlijke of nationale identiteit in functie van een algemeen belang. Maar ook dat is een vorm van ontmenselijking, als het betekent dat mensen hun eigen tradities en waarden moeten loslaten zonder ruimte voor dialoog of verschil.
Het lijkt op het eerste gezicht nobel, maar het gevaar schuilt in de schijn van vrijheid, terwijl het in werkelijkheid gaat om een andere opgelegde norm. Een norm die de deur openzet naar culturele verschuivingen waarin de meerderheid haar wil kan opdringen, zonder rekening te houden met wie afwijkt.
Veel van deze stemmen pleiten ook voor elektrificatie en digitalisering, zogezegd in naam van de natuur. Ze willen de bomen redden, maar vergeten welke schade de productie van die technologieën aan de natuur toebrengt. De snelheid en het gemak waarmee we steeds meer consumeren, worden zo opnieuw verkocht als vooruitgang, terwijl ze in werkelijkheid bijdragen aan overconsumptie en verdere ontmenselijking.
Jij kan ook van betekenis zijn, door ervoor te zorgen dat we straks niet al onze waarden en normen, rechten en plichten verliezen om het systeem te dienen als moderne slaven. Begin met kleine gebaren in jouw omgeving. Vriendelijkheid en beleefdheid moeten de norm zijn, waar goede gevoelens kunnen groeien. Een vriendelijk gezicht, een “dank je wel” en “alsjeblieft” moeten een natuurlijke gewoonte zijn in de omgang met je medemens.
Verminder je gsm- of iPhonegebruik voor boodschappen of betalingen en gebruik wat meer baar geld. Kies eens niet voor contactloos, maar voor echt contact. Respecteer authenticiteit. Houd tradities en gewoontes in ere. Vervang niet altijd wat oud is door iets nieuws, maar repareer wat stuk is. Koester meer wat je hebt dan te verlangen naar wat je niet hebt.
Wees wat meer ingetogen dan uitbundig en deel niet alleen in geluk, maar ook in verdriet. Oordeel niet te snel en geef het verhaal een kans. Zeg wat vaker “sorry” op tijd, niet pas op de kwetsbaarste momenten, die vaak ook strategische momenten zijn. Zeg wat vaker dat je elkaar graag ziet en laat liefde toe. Geef om je medemens en zie zijn kwetsbaarheid in plaats van zijn sterkte.
Laat je wat minder meeslepen door de wow-beleving. Wees nederig en behouden. Kijk meer naar mensen achter de schermen of naar mensen op de tweede rij, in plaats van naar zij die in de picture staan en elkaar verrijken ten koste van de gewone mens. Wees wat kritischer tegenover vernieuwing en laat wat oud is in zijn waarde. Doe regelmatig aan zelfreflectie. Sluit niemand in of uit als je je wil doordrijft. Als jouw wil wet is, zorg dan dat die gebaseerd is op redelijkheid.
Maar vooral: besef dat je een sterfelijk mens bent. Dat is de sterkste gemene deler met je medemens. Wees bovenal een mens die gevoelens heeft en net als zijn medemens kwetsbaar is in dit bestaan. Weiger of bevraag alles wat digitaal wordt opgedrongen en contactloos is, als het ook anders kan. Durf je ongenoegen over het systeem op een beleefde manier kenbaar te maken.
Laat je niet verleiden door het gemak dat als USP wordt verkocht voor digitaliteit. Gebruik geen zelfkassa’s en schuif aan bij bemande kassa’s. Blijf aandringen op het ontvangen van betalingsopdrachten via de post. Gebruik je bankkaart met code in plaats van contactloos. Betaal zoveel mogelijk met cash geld voor kleine aankopen.
Kies bewust niet voor het gsm-leefprincipe van groter, sneller en meer. Kies voor genoeg, stiller en met mate. Dat zorgt voor meer rust en tevredenheid.
Leer weer te vertrouwen op je gevoel. Maak de waarheid toegankelijk in plaats van de leugen een kans te geven. Luister wat meer naar het verhaal in plaats van meteen een oordeel of mening te vormen op het eerste gezicht.
Niets is wat het lijkt. Het is niet zo vanzelfsprekend dat waar rook is, ook vuur is. En als er vuur is, is het belangrijk dat je eerst begrijpt dat rook vaak een symptoom is, niet de oorzaak. Soms is er een opdrachtgever die de zwakte van een ander gebruikt om het vuur aan te steken.
Houd tradities in ere. Daar zit veel menselijkheid in verborgen. Het zijn meestal momenten van verbondenheid en herinneringen die verloren dierbaren levend houden. Ze geven betekenis aan wat was, in tegenstelling tot de vluchtige, vergankelijke waarden van systeemmodernisatie. Die houden vooral de afvalberg van de consumptiemaatschappij in stand, maar geven weinig om de mens.
Denk opnieuw in volgorde van belang: eerst de mens, dan het product, dan pas de prijs. Hecht en koester wat je hebt, in plaats van te streven naar wat je niet hebt.
Geef verdriet een waardevolle plek. Verdriet is geen werkpunt, maar een diep contactpunt met jezelf, met het leven zelf en met het leven van dierbaren. Het is misschien wel de meest menselijke emotie. Want via verdriet sta je het dichtst bij je verloren dierbaren.
Toch geloof ik dat het nog niet te laat is. Dat er mensen zijn die blijven voelen, blijven nadenken, blijven tegenwerken. Die hun stem laten horen, niet omdat het makkelijk is, maar omdat ze weten wat er op het spel staat.
Je hoeft de wereld niet in je eentje te veranderen. Maar als genoeg mensen weigeren om alles zomaar digitaal en contactloos te laten verlopen, dan kan er iets kantelen. Als we opnieuw kiezen voor echte ontmoeting, voor tastbare dingen, voor traagheid en medemenselijkheid, dan geven we ruimte aan iets dat dreigt te verdwijnen.
Menselijkheid is geen modewoord. Het is een noodzaak. En elke kleine daad die daar trouw aan blijft, is een vorm van verzet. Een stil maar krachtig nee tegen een wereld die te snel, te hard en te leeg wordt.